vrijdag 12 september 2014

Dag 22: Haladi - Namutomi - Tsumeb

Laatste tourdag. Om 7u eruit, rustig ontbijt, inpakken en op weg naar Namutomie want we moeten om 13.30u uit het park zijn.
Uiteraard weer beestjes: koedoe, zebra' giraffe, springbokken, elanden, olifanten en zelfs weer drie neushorens maar helaas geen leeuwen en luipaarden. De loop voor de kalkheuvel rijden we, zoals later zou blijken, spijtig genoeg voorbij.
In Namutomi, waar we het Etoshapark gaan verlaten, worden nog wat souveniers gekocht en aan de bar naast het zwemdok nog een verfrissing genuttigd' Daar zit een Nederlander die ons een tip wil geven. Blijkt dat juist op die loop hij achter en luipaard had gereden en er iets verder drie leeuwen in de nabijheid van de waterput hadden gelegen. Pech dus. Maar anderzijds bleek ook dat de man hier op deze plek al 8 dagen aan het toeren was. Kans dat je de 'Big Five' hier te zien krijgt?

(Foto's zeggen hier meer dan Woorden)

Foto's Etosha Park

Dag 21 - Okaukuejo - Haladi

Om 6u opgestaan dan eerst de tenten ingepakt zodat we tegen 7u aan de uitgang stonden voor een ochtendtour' Niet zo verschrikkelijk veel beestjes gezien. Tegen 9u terug op de camping en dan uitgebreid rustig ontbijt: spek, eieren en bonen in tomatensaus. Lekker!

Aansluitend de beestjestocht door de verschillende loops richting Haladi. Heel wat olifanten, Koedoe's, springbokken en ditmaal voor de eerste keer wel neushorens, maar helaas geen leeuwen en luipaarden zoals op onze vorige reis gezien.

Foto's Etosha Park

Dag 20 - Otjitotongwe naar het Etosha Nationaal Park

Uitgeslapen tot 7.30u. Ontbijt, opruimen en dan nog even naar de tamme cheetah op de boerderij. Het beestje (2 jaar oud) loopt hier vrij rond en ieder die dat wil mag het dier strelen, maar alleen achter op de kop want anders wordt ze een beetje nerveus. 

Er is nog wat cash nodig voor Henri en Annick en dus moeten we even over Outjo. Beetje om maar even snel want asfalt. Cor koopt er ook zekeringen omdat een kleine kortsluiting van de camerainstallatie ons heel sigarenaansluitingssysteem lamgelegd en dan is er weer eenn grote streep zwart asfalt naar Anderson Gate, de ingang van het park.

Vandaar tot aan onze eindbestemming, Okaukuejo, worden we al meteen met olifanten, zebra's, springbokken, orixen en andere beestjes overdonderd.

Inchecken op de campsite, kampeerplaats negen.
Onze dames en Henri kiezen voor het verfrissend zwembad én de 'mannen' voor nog een extra explorertochtje door het Ethoshapark.
Weer een hoop beestjes gespot en dan moeten we terug naar de tent want het park sluit om 19u.

Protest op de kampeerplaats want de electriciteit blijkt niet te functioneren en dus staan onze koelkasten (42°C) al flink op te warmen.
Cor's protest levert wel een paar telefoontjes op, maar dat is niet efficient. Den Dave eist boter bij de vis: een technieker ´moet´ onmiddellijk meekomen...en dat helpt.
De panne is niet herstelbaar en dus verhuizen we naar nr.39. Oei, in die geburen hebben we 5 jaar geleden ook gestaan dachten we en wij dus naar het uiteinde van de camping. Zoekn, zoeken in het donker...en dan blijkt 39 achter 9 (tegen de omheining) te liggen.
Etn doen we in het restaurant en dan wordt de waterput opgezocht om de beestjes te zien die bij lamplicht komen drinken...
Bedtijd. Morgevroeg gaan we zonder eten of douchen eerst op tocht...

(Foto's later)

Dag 19 - Grootberg naar Kamanjab


We hebben gisteren, gezien de vliegen en de mopanemuggen, besloten om maar één in plaats van twee nachten te blijven. De kampeerplaats zelf was erg proper en dus eigenlijk geen probleem, te meer daar we ons voedsel bij de campingmanager in de koelkast (koelkast op gas, want geen electriciteit) mochten plaatsen. Dus na de middag naar het alternatief:Kamanjab en de campsite van de luipaardenfarm in  Otjitotongwe.

Gezien de geplande uitstappen - Paul en Cor naar de olifanten en de rest naar de Himba's - was het vroeg dag en dus nog donker. Ontbijt dus bij 't ochtendgloren (gaslampen werkten om de een of andere reden niet), daarna een paar doucher's - Dave had het unieke warmwatersystem weer opgestart - inpakken en wachten op onze gidsen.

Afrikaanse problemen: geen gidsen op het afgesproken uur. 
Normaal zou eerst de olifantengroep vertrekken. Niet dus. Eerst, maar dan een uur later, de Himbagroep. Groep 2 heeft het bijna aan zijne rekker. 
Na veel vijven ne zessen en diverse telefoontjes (zelfs eentje naar Windhoek) worden Paul en Cor toch opgepikt om 10.20u. Rijkelijk laat, maar de gids heeft zijn groep in de buurt van de olifanten achtergelaten en kan ons gelukkig in 25 minuten bij de spotzone brengen. En ja hoor, 9 beessies. Verbrandde en uitgedroogde Duitsers (niet erg) word er opgepikt en dan rijden we langzaam naar de woestijn-olifanten toe. Wind en zon staan in ons nadeel en dus worden ze erg onrustig. 
Onze, overigens goede gids, verstrekt degelijke informatie en dan worden ze benaderd, uit de wind, via de rivierbedding. Heel rustig.
Om af te sluiten, lunch, maar uit de geburen van de olifanten. Daarna naar de Grootberg Lodge. Fameuze hoogte met schitterend uitzicht. Wachten op de andere groep en terug naar de Lodge.

De Himba Toer
We worden opgehaald door Arthur (een echte Afrikaanse naam voor een Herero) in een open Toyota. We passeren een plaatselijk schooltje/internaat waar kinderen zo'n drie maanden verblijven. Ouders moeten hier zo'n 10N$ voor neertellen. Wat neerkomt op 7€. Een tiende van een maandinkomen. De plaatselijke bevolking krijgt voor 10N$ een deel van de aanwezige waterton van slecht een paar honderd liter. Het grote aanwezige waterreservoir is van de overheid en staat als een gieter te lekken. Ze wachten op herstelling krijg je te horen. Maar dat zijn hier verhalen van enkele jaren en misschien morgen. 
De rit vervolgd zijn weg langs een hobbelige offroad weg. Op, langs en door de rivier. Het is een prachtige rit. De plaatjes lijken zo gestolen uit een film. Oases van palmbomen en water. Iets wat hier niet veel aanwezig is. 

Het naderen van het Himba dorp wordt aangekondigd met de claxon van de wagen. Wat me meteen de wenkbrauwen doet fronsen. Vier hutjes in verschillende stadia van opbouw zijn te bewonderen. De Himba vrouwen komen met mondjesmaat aangewandeld en begroeten ons met Cora en dan hun naam. We moesten antwoorden met iets maar tegen dat het zover is zijn we dat massaal vergeten. We zeggen gewoon onze naam en zij kijken ons zonder veel emotie aan of proberen onze naam uit te spreken. Nadat iedereen de revue is gepasseerd krijgen we uitleg over de kleding en de rituelen. Het enige dat ik kan onthouden is dat ze zich nooit wassen. Man die moeten toch kei hard stinken hoor ik u denken. Nou, niet helemaal. Hun dagelijks ritueel bestaat erin zich in te smeren met fijngemalen rode steen gemengd met geitenvet. Daarna parfumeren ze zichzelf met dat geitenvet en acasiahout. Het is een beetje zoals een avond rond een kampvuur zitten maar dan met een iets ander geurtje. De Himba vrouwen zien helemaal rood. Inclusief hun haar. Je handen kleven, zien rood en ruiken naar hun parfum na de kennismaking. Een scheve schaats rijden met een Himba vrouw levert gegarandeerd vlekken op denk ik dan.
De toer op zich is wel aangenaam. Traditionele dansen, unieke mensen, heel vriendelijk en een deel van je centen worden omgezet in voedsel die hen ten goede komt. Zo hoeft de mens zich niet slecht te voelen toch. 


In Kamanjab wordt nog wat geld en bezine getankt.
De Otjitotongwe Cheetah Farm een 30-tal km verder; 7000 Ha groot is die farm, en dat voor 300 koeien , wat schapen en geiten, en 13 cheetahs. Deze laatsten zijn echter de reden waarom velen er stoppen en overnachten. 

Het kamp is midden in de bush, heel basic - geen stroom dus - maar leuk en vooral heel erg rustig. Om 17uur begint de rondleiding; iedereen in de laadbakken van een soort koeienwagens. 
Daarna naar de wilde exemplaren die in een omheinde ruimte van 250 Ha zitten. De beesten komen achter en naast de auto aangelopen, want ze weten dat ze eten gaan krijgen (ezelsvlees). 
Eten wordt de diertjes dan toegeworpen en daar wordt naar gesprongen tot ieder zijn deel heeft gehad. Er zijn ook twee luipaarden met telkens 2 jongen. Uiteraard gescheiden gehouden van de rest van de troep. In totaal zijn er in deze rit vier stops zodat alle bezoekers, elk aan hun kant, foto's kunnen nemen. Iedereen tevreden en geen gedrum.

Naar de tamme cheetah; die leuk bij hen op de boerderij rondloopt gaan we morgenvroeg kijken. Ieder die dat wil mag het dier strelen, maar alleen achter op de kop want anders worden ze een beetje zenuwachtig. 

Leuke alternatieve stop die wordt afgesloten met een lekkere braai en kampvuur achteraf bij bijna volle maan.

(Foto's later: geen wifi)








dinsdag 9 september 2014

Dag 18 - Uis naar Grootberg

Nadat we ontbeten, getankt en afscheid hadden genomen hebben van onze Basil gaat het verder richting Grootberg en de Hoada Campsite.
Weer één lange streep langs Brandberg, maar deze keer geen White Lady.

Langs de weg heel wat kraampjes waar poppetjes en ander toeristisch gedoe worden aangeboden door vrouwen in Hererokledij. 

Na de middag brengen we nog een bezoek aan twee bijzondere natuurfenomenen, de Organ Pipes en de Burnt Mountain. De graniet rotsen bij Organ Pipes zijn zo uitgeslepen, dat ze inderdaad lijken op een heel stel orgelpijpen die naast mekaar zijn gestapeld. Burnt Mountain ziet er dan weer uit als een rots die door een gigantische barbecue in een zwarte berg is herschapen.

Vroeg op dan maar de volgende dag en allereerst een bezoek aan Twijfelfontein. Dat is een gebied aan de noordzijde van de Brandberg, bekend om zijn vele rotstekeningen (2000 tot 6000 jaren oud). Niet minder dan 4000 reliëf tekeningen zijn hier te vinden. De site is sinds 2007 ook als werelderfgoed geklasseerd, en trekt dus al maar meer bezoekers. Erna had verkozen om maar in het bezoekerscentrum te blijven omdat ze wist dat het weer klimmen zou worden.

Vrijwel alle dieren staan hier getrouw afgebeeld op de rotsen, zelfs een zeehond en een pinguin. De San trokken in die tijden vanuit het binnenland naar zee om zout te halen voor het pekelen van hun vlees; die zee lag toen 5000 jaar geleden ook lang niet zover weg. Door de duinenvorming is daar zo'n 100km zand tussen Brandberg en kust tussen gekomen.

Daarna richting Etendenka bergen. Een prachtige bergketen (tafelbergen) en het rijden door de Grootbergpas doet zo'n beetje aan bepaalde streken in Amerika. Indrukwekkend.

Onze kampeerplaats ligt een 25-tal km voorbij de Grootberg Lodge en is volledig geïntegreerd tussen de granietrotsen. Wel mooi, maar geen electriciteit en een hoop lastige vliegen en Mopanewespen.
Spaghetti, bier, wijn en kampvuur op de menu.

zondag 7 september 2014

Foto's Uis (brandberg)

Dag 17 - Schwakopmund naar Uis (Brandberg)

Na de nodige inkopen in Schwakopmund, weer op weg.
De weg langs het strand is niet erg bijzonder, behalve een schip dat op de kust is gestrand, iets dat aan de Skeleton Coast meer voorkomt.
Na een kort overleg op het strand besluiten we dan toch even ca 40km door te stomen naar de zeeleeuwenkolonie in Cape Cross.
Stinken, meneer pastoor, maar wel een belevenis!

Daarna de neus naar het binnenland en terug via Henties Bay richting Uis. De 150km weg is eigenlijk één rechte lijn, alleen wat op en neer. Links en rechts de woestijn; bijzonder weinig plantengroei op wat gele grassprieten en een enkel struikje na. Gestopt om langs de weg enkele ertsen te kopen en om 16 uur zijn we al in Uis.

De Brandberg Campsite is eigenlijk het vroegere gasthuis van de mijn.
Van 1960 tot 1990 werd hier in de buurt door de Zuid-Afrikanen tin ontgonnen. Geen bijzonder hoge opbrengst (povere 0,5 %), maar de Zuid-Afrikanen hadden weinig keus want tegen hen gold toen een internationaal handelsembargo wegens hun Apartheidspolitiek.
Op niet minder dan 8 plaatsen rond Uis werd tin bovengehaald. Die werd op één plaats mechanisch tot tinerts verwerkt. Ruim 1000 man werkte hier. Het management van de mijn had zijn eigen guesthouse, met 25m zwembad, theater/filmzaal (die ook als badmintonhal dienst deed), bar, binnen- en buitenrestaurant.
Na de onafhankelijkheid van Namibië werd de mijn gesloten: de Zuid-Afrikanen konden nu immers weer goedkoper ertsen kopen op de internationale markt, dan het in Uis te produceren was.
De Damara bevolking was dus weer aan zichzelf overgeleverd. Uis bestaat dus nu uit 2 delen: een stadsdeel met 60 blanken, en een deel met 1500 Damara. Momenteel worden van het afval van destijds brikken gemaakt. Slechts 150 mensen hebben hier een vaste job.

Basil, de man die hier de campsite uitbaat, is een speciaal manneke. Ziet eruit als de messias, heeft al 13 stielen uitgeoefend, en is dus nu eigenaar van de site, die naast de camping bestaat uit een aantal kamers en een 5-tal self-catering appartementen.
We genieten van een verfrissing en nemen met plezier een duik in het zwembad.

Tegen valavond (18.30u) gidst hij een 4x4-tochtje naar de mijn waar we, genietend van een biertje, getuige zijn van een prachtige zonsondergang. De Brandberg, een granieten reus van 2.800m, deemstert langzaam weg.
Natuurlijk had hij in Dave een ervaren 4x4 herkent en dus organiseerde hij speciaal een prachtige alternatieve steile afdaling naar ons verblijf.

Na de maaaltijd wordt er weer heel wat gekletst terwijl de heren zich overleveren aan een partijtje snooker. Bedtijd....

Foto's op weg naar Schwakopmund

Foto's van Solitaire

Foto's van de Sesriem Canyon

Foto's van Sossus Vlei